Restauratie

Gered van de brandstapel

Het moet zowat een tiental jaren geleden zijn, dat ik op een zomerse avond na de dagelijkse dagtaak thuisgekomen, op mijn radio werktafel een plastieken doos aantrof. De inhoud bevatte zeven radiobuizen van Amerikaanse makelij, types: 58 – 24 – 56 – 58 – 27 – 47 en een gelijkrichter 80. Het eigenaardige was, dat bij alle buizen met topaansluiting, deze verdwenen was.

Bij een stak er nog een klein eindje draad uit de lamp, bij de andere was de elektrode tot aan de lampballon afgebroken. Mijn vrouw wist mij laconiek te vertellen dat mijn schoonbroer Jan, welke schrijnwerker is, en tijdens het vernieuwen van een dak, op zolder een stuk van een oude radio gevonden had. Vooraleer hij deze in de schrootcontainer deponeerde had hij er de lampen uitgetrokken, Marcske kon die zeker nog gebruiken! Nog diezelfde avond hing ik aan de telefoon met de opmerking dat: als hij lampen uit een radiotoestel haalt, hij de topaansluitingen de nek niet hoeft om te wringen, en dat ik met halve lampen niks kan aanvangen. Gelach aan de andere kant van de lijn en ik kreeg de belofte dat hij morgen de radio uit de container ging opvissen en mij de topaansluitingen zou bezorgen.

Ik ondertussen alle lampen op de Neuberger RMP 370 uitgetest (na met een nagelvijltje het glas van sommige topaansluitingen 1 mm weg te vijlen zodat ik met een krokodilklemmetje de topaansluiting kon uitvoeren). Wonder boven wonder alle lampen deden het nog, en waren trouwens nog in zeer goede staat qua emissie! Dus nu maar hopen dat ik die topaansluitingen in mijn bezit krijg.

Het eerstvolgend weekend was het zover, schoonbroer Jan kwam met een smile tot achter zijn oren op bezoek. “Voila, kweet niet juist wat ge nog nodig hebt, ik heb dus maar alles van dat roest ding meegebracht!

Het chassis zat volledig onder het roest, luidspreker en de kast waren er niet bij.

Maar gelukkig de topaansluitingen van de lampen waren nog aanwezig

Beide elco’s hingen enkel nog vast met de bedrading, en om deze een beetje op hun plaats te houden bond ik deze vlug tezamen met een eindje draad.

De vier assen voor de bediening van de radio zaten muurvast geroest, dus de spuitbus met kruipolie werd erbij gehaald.

Duidelijk ging het hier om een Amerikaans toestel, maar welk? Nergens geen identificatieplaat of typenummer te vinden.

Bij nader onderzoek vond ik twee RF spoelstellen gewikkeld op een rondhouten stokje van +/- 100 mm lang, zonder afscherming. Eén spoelstel bevond zich bovenaan op het chassis, het tweede in het chassis, haaks tegenover elkaar.

Meerdere spoelaansluitingen waren doorgeroest en los van de soldeerlippen.

Wedden dat!

Terwijl Jan en ik bij de jeneverfles nog wat aan het napraten waren, wees ik hem op al de doorgeroeste uiteindjes van de litzedraadspoeltjes.

Kijk sprak ik, als ik al die draadeindjes terug degelijk kan verbinden, doe ik die radio weer spelen! Straffer nog, ik herstel hem terug in zijn originele staat!! Jan zijn smile kwam terug tevoorschijn, want dit was een onmogelijke opdracht om dit stuk roest terug tot leven te wekken. Geen luidspreker, geen radiokast…... Voor een fles jenever werd er dan een wedding aangegaan:

Kwestie van weer een reden te vinden om later nog samen jenever te drinken!!

Voedingstransformator

Zogezegd zo gedaan, met engelengeduld tekende ik het schema op, maar ik stuitte weldra op enkele eigenaardigheden: geen antenne ingang te vinden op het chassis! Rond de buisvoet van de 80 een zwarte verkleuring! En ja hoor de voedingstransformator was niet de originele. Verscheidene aansluitdraden van de vervangen transformator waren inwendig niet verbonden met de radio.

Straffer nog, de hoogspanningswikkeling lag open! Het moet daar meer dan een maal héél warm geweest zijn rond deze buisvoet!

Dus al een goed begin, transformator eruit, het handboek “Berekenen en construeren kleine transformatoren” van M. Douriau ingekeken, en dan de transformator maar volledig herwikkeld.

Voor dit werkje heb ik een goedkoop handmatig wikkelmachientje in elkaar gezet.  Zie RETRO RADIO, nr. 1 februari 1994

Voedingstransformator

Daar dit chassis vermoedelijk tientallen jaren op een stoffige zolder doorgebracht heeft, lag er vingerdik stof bovenkant chassis. Ook de afstem- condensator was niet om aan te zien! Na het meeste stof met kwast en stofzuiger verwijderd te hebben, kon ik overgaan om deze in eerste instantie te demonteren. Tijdens deze werkzaamheden kwam er iets eigenaardigs aan het licht. Bij een vorige herstelling had de hersteller (technicus?) er niets beter op gevonden dan de losstaande afstemcondensator vast te zetten met een tot 6 maal toe samengevouwen A4 papier tussen het chassis en onderkant afstemcon -densator te schuiven. Condensator stond goed vast, en op een vlugge wijze! Aangezien de moeren om de condensator vast te schroeven moeilijk bereikbaar zijn door de opgebouwde componenten, is waarschijnlijk voor deze oplossing gekozen. Het leuke aan dit papiertje is, dat bij het openvouwen er een reclame folder over een Zenith radio toestel tevoorschijn kwam.

Linksonder ontbrak er een stuk! Toeval of bewust, daar komen wij later nog op terug.

Voor het reinigen van deze condensator was er maar één goede en snelle oplossing, nl. condensator volledig demonteren en onderdompelen in gootsteenontstopper! Na 30 min. inweken alles grondig naspoelen met gedemineraliseerd water en daarna in een licht voorverwarmde oven laten drogen, kwamen de condensator onderdelen eruit als nieuw.

Nu enkel nog alles terug samenstellen, afregelen en smeren, waar ik eveneens enkele uren mee bezig was. Eens alles OK werd deze opzij geplaatst voor de latere hermontage.

Chassis en schema

In de mate van het mogelijke werden alle onderdelen op het chassis verwijderd, nagezien en opgekuist of vervangen. Het chassis werd volledig ontdaan van alle verf en roestvlekken. Vervolgens werd alles in een nieuw jasje antiroestverf gezet. Ondertussen werden eveneens alle verbindingen en componenten op schema gezet.

Daar er in het voedingsgedeelte veel gerommeld was, kon ik niet precis achterhalen hoe de oorspronkelijke bedrading van uit de fabriek geweest was.

Daar ik geen smoorspoel of zware weerstand +/- 1,5 kOhm rond het gelijkrichter circuit terugvond, kwam ik tot het besluit, dat het afvlakfilter van een LC type was, en dat de veldspoel van de luidspreker hiervoor gebruikt werd

Eens alles op papier, werden condensatoren en weerstanden op originele waarden en lekken nagezien en eventueel vervangen. Ook alle onderdelen bovenop het chassis werden teruggeplaatst.

Een degelijke luidspreker met veldspoel uit een slooptoestel gaf aan het toestel terug de mogelijkheid om geluid te produceren. De ontbrekende topaansluitin-gen van de lampen werden terug voorzien van de originele huls, en konden dus terug dienstdoen zoals het hoort.

De antenne en aardingsklem hadden waarschijnlijk bovenop de metalen afscherming gestaan welke bovenop de lampen was aangebracht? Dus werden deze op die plaats gemonteerd en aangesloten.

In dienst name

Het uur der waarheid was aangebroken, de herwikkelde transformator was reeds uitvoerig getest, van de voeding verwachte ik dus weinig problemen. Maar met deze oude toestellen weet je maar nooit. Vóór het onderspanning zetten werden er voor alle zekerheid enkele volt en stroom meettoestellen aangesloten, kwestie van alles direct onder controle te hebben! Blij verrast galmden weldra de eerste geluiden terug uit het toestel, zowel de lange als omroepgolf functioneerde! Een gevoel van voldoening overviel mij, het was mij weer eens gelukt. Weer een ervaring rijker. Het afregelen van de MF (125kC), en midden en lange golf gaf eveneens geen problemen.

Het chassis was gered, maar...

De radiokast

Afgaande uit de opstelling van de bedieningsknoppen en de afstemcadran vermoede ik dat de oorspronkelijke kast van “kapelvorm” was. Dus diende ik in deze richting op zoek te gaan. Naar welk merk, welk type?? Na vele fotoboeken met kapelradio’s doorbladerd te hebben, vond ik wel mooie modellen om na te bouwen. Maar een foto met die typische bezetting van de vier radioknoppen vond ik niet.

Uiteindelijk bladerde ik in een oude uitgave “RADIO VERZAMELAARS” deel 1van Pieter Windey. En ja, pagina 16 foto 59 vond ik de kast waar ik al weken lang naar zocht ZENETTE van ZENITH. Contact name met Pieter leverde niet veel meer informatie op, deze had dit toestel doorverkocht! Maar goed, nu had ik toch een foto, en aan de hand van deze zou ik wel een kast namaken.

Even later viel toen eveneens mijnen frank, ZENITH daar had ik toch schema’s van! De CD van Brans, Nostalgia Air……en jawel het schema was vlug gevonden, en kon ik mijn huiswerk maken door mijn opgetekend schema te vergelijken met het originele. Er zat één grote fout in welke ik door het vroegere gerommel in de voeding niet meer kon achterhalen. Het afvlakfilter met de exitatie bevonden zich langs de koude kant van de hoogspanning, en ik had deze langs de warme kant ingebouwd. Dus chassis terug onderste boven en de voeding in de oorspronkelijke staat teruggebracht!

Nu het model van de radiokast gekend, tekende ik eerst op ware grootte een zo nauwkeurig mogelijk vooraanzicht, dit aan de hand van de foto. Het construeren zelf van deze kas, dat was andere kaas. De kapel was bovenaan een halfronde vorm, hoe diende ik dit tot een goed einde te brengen?

Na wat denkwerk besloot ik een persvorm te maken waartussen de te lijmen gebogen stukken konden samengeperst worden. Ik schafte mij multiplex plaat, van 18 mm dik aan, en verzaagde deze plaat in 14 gelijke stukken van 0,4 m. x 0,5 m. Vervolgens nam ik mijn bovenfrees en monteerde een frees van 10 mm. Verder monteerde ik een centerpunt met een straal van 18,3 cm op de frees. Van alle 14 stukken multiplex, freesde ik nu telkens een halve cirkel uit. De uiteinden van iedere halve cirkel zaagde ik vervolgens loodrecht uit.

Uiteindelijk bekwam ik dus 14 vrouwelijke en 14 mannelijke delen van 18 mm dik, met rondom een speling van 1 cm. Deze 14 delen lijmde ik dan loodrecht op elkaar zodoende bekwam ik een persvorm van 25,7 cm dik

Nu was alles een koud kunstje, twee lagen buigtriplex 5 mm dik met daarboven op een vel fineerhout van 0,8 mm dik werden in één keer ingelijmd en samengebracht in de persvorm. Daar ik toch over een volledige plaat buigtriplex beschikte, maakte ik terwijl ik toch bezig was, vier van deze gebogen stukken.

Vervolgens werden er een frontplaat + bodem aangebracht.

Vervolgens werd de figuurzaag bovengehaald en handmatig de luidsprekergrille uitgezaagd. Eveneens werden de massieve opzetstukken op het front bewerkt en aangebracht. Het chassis werd ingepast en de kadran opening ingezaagd.

Nu diende ik enkel nogal de delen egaal bij te kleuren en het meubel te voorzien van 3 lagen vernis. Waarna de radio ingekast kon worden.

Nabeschouwing

De fles jenever van de weddingschap is reeds jaren uitgedronken, en het chassis met de replica kast staat nog steeds te pronken in de huiskamer. Enkele jaren terug herstelde ik een radio BARCO type 536, het viel mij op dat dit chassis véél gelijkenis vertoonde met de ZENITH 210-5. Via collega verzamelaar Harry Huysentruyt en BARCO-specialist kon ik de levensloop van radio BARCO lezen. Hieruit blijkt dat in de jaren 30 de firma BARCO eveneens verdeler van ZENITH-toestellen was. Verder trok BARCO, ZENITH-chassis in en bouwde er zelf een meubel rond

Dit alles gebeurde in de beginperiode te Poperinge, in de gasthuisstraat 6, 8 door dhr. Lucien De Puydt. Vermoedelijk was de hersteldienst óók daar ondergebracht. Vandaar het vastzetten van de viergangs afstemcondensator met de opgevouwen ZENITH-reclame!!!

Toeval of niet? De firmanaam linksonder deze reclame was er afgescheurd... De echte reden zal ik wel nooit te weten komen!

Zie Barco site van Harry.